Menu Sluiten

Van wie is Mijn Park?

Blijkbaar is het niet helder waar Mijn Park over gaat en wie het onderzoek doet. Nou, mijn naam is Bep Schrammeijer. Ik ben in Tasmanië, Australië geboren en getogen, maar ben een teruggekeerde tweede generatie emigrant. Mijn moeders ouders waren van Groningen, en mijn vader groeide op in Amsterdam, dus ik heb wel wat mokums-dna – vind ik zelf. Desondanks leest mijn Nederlands toch een beetje als google-translate – mijn excuus daar voor, maar ik moet toch oefenen…

Als promovendus aan de Instituut voor Milieuvraagstukken (IVM) aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam doe ik onderzoek naar publieke waarden van stedelijk groen. Met Mijn Park probeer ik deze publieke waarden te meten. De naam Mijn Park Amsterdam refereert aan het idee dat alle groen in de stad aan elkaar verbonden moet zijn als één samenhangend groene infrastructuur, of één grote park, die toegang biedt naar groene ruimte voor alle Amsterdammers. Maar, wat vindt u van Uw Park Amsterdam?
In mijn eerste project testte ik het gebruik van een app om te meten hoe mensen het Rembrandtpark beleven en gebruiken [u kunt een kleine greep uit de resultaten hier zien]. Nu wil ik uitzoeken wat mensen nodig hebben in hun buurt en welke soorten groen aan deze behoeftes voldoen. Om dit uit te zoeken gebruik ik een online enquête waar u ook antwoorden aan kunt geven op een kaart [hier kunt u meedoen].

De rede waarom ik dit uit wil zoeken is omdat we niet zo veel weten over wie en hoe en waar groene ruimte belangrijk is in de stad. Onderzoekers en beleidsmakers zijn wel eens over een aantal dingen, waaronder dat biodiversiteit, klimaatadaptatie, gezondheid en sociaal welzijn belangrijke functies van groene ruimte zijn [zie het beleid Gemeente Amsterdam of de Atlas Natuurlijk Kapitaal]. Maar als we kijken naar gezondheid en welzijn weten we niet hoe we kunnen meten of een groene plek daarin voorziet. Bijvoorbeeld, de potentieel voor recreatie is gemeten door hoeveel vierkante meters groen er is per inwoner. Maar, recreatie kan van alles zijn, van picknicken, sporten of spelen tot lopen, vogels kijken of simpelweg relaxen. Als we alleen meten in vierkante meters en niet nagaan of groene plekken eigenlijk geschikt zijn voor de verschillende vormen van recreatie zou het kunnen betekenen dat sommige vormen niet mogelijk zijn of er uit geduwd worden door andere.
Als we dan bedenken dat groen belangrijk is voor stressreductie en mentale gezondheid naast fysieke gezondheid en sociale cohesie, moeten we zorgen dat er genoeg groene ruimte is voor de stillere functies, waar mensen ook kunnen rusten, ontsnappen, in contact komen met de natuur – als zij dat nodig hebben. Ze moeten dan niet voelen dat ze er uitgedrukt worden door mensen die die plekken gebruiken voor andere meer actief of sociale functies.

Groen is ook essentieel voor de leefbaarheid in stedelijke buurten, en vooral in gebieden waar meer mensen dichter bij elkaar wonen. Nou is Amsterdam van plan om meer woningen te bouwen in een aantal ontwikkelingen met hoger dichtheid [zie website met project informatie en kaart van plannen]. Natuurlijk is groene ruimte een belangrijk onderdeel van deze ontwikkelingen en (meestal) meegenomen in de plannen. Maar, wat betekent dit voor andere groene plekken in de buurt – worden die niet te druk? Kunnen ze nog hun functie vervullen voor de huidige bewoners en ook de nieuwe bewoners?
Tijdens de Corona lockdown werd het belang van groen in de stad overduidelijk, alsook de druk daarop in de dichter bevolkte buurten. De schaarse groene plukjes in de binnenstadse buurten van Amsterdam waren stampvol – zo veel zo dat ze afgehekt moesten worden en mensen naar huis gestuurd. Om een leefbaar en sociaal duurzame stad te realiseren moet de groene (en blauwe) infrastructuur kunnen voldoen aan de functies die mensen nodig hebben, waar ze nodig zijn. En nieuwe ontwikkelingen moeten dit niet in de weg zitten, maar aan bijdragen.

Maar dan moeten we weten wat mensen nodig hebben en welke types groen aan die behoeftes voldoen. Zijn mensen bereid om 5 minuten te fietsen om een rustgevend plekje te vinden? Kan een plukje gras en een paar bomen al rustgevend gevonden worden? Is een padje door meer variërend vegetatie types beter? En voor wie? Als we kijken naar meer kwetsbaar groepen in onze samenleving – hebben zij de toegang die ze nodig hebben? Hebben kinderen groene plekken dicht bij om in te spelen? Hebben die met lagere inkomens, die air-conditioning niet kunnen betalen, wel toegang tot verkoelende plekken die ze kunnen bereiken zonder te smelten in een hittegolf? Hoe kunnen nieuwe ontwikkelingen zorgen dat ze groene functies toevoegen in de buurt en niet alleen zorgen voor meer druk op bestaande groen?

Ik hoop dat ik vragen als deze kan beantwoorden met mijn onderzoek… U kunt helpen door de enquête te doen en het door te sturen naar uw familie, vrienden en collega’s in Amsterdam.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *